| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De innovatieleugenOctrooien worden de hele tijd gelijkgeschakeld aan innovatie. Erger nog, een toename in het aantal octrooien in handen van of toegekend aan een organisatie, land of regio wordt gezien als een toename van innovatie.Een dergelijke valse vergelijking zou in de meeste andere gebieden niet werken. Als een regering zei dat de economie opbloeide omdat ze zojuist besloten hadden meer geld te drukken, zouden mensen meteen weten dat dit niet klopte en dat inflatie uiteindelijk nadelig is. Als een overheid zei dat ze het wegennet uitbreidde zouden mensen willen weten welke lengte de extra aangelegde wegen hadden, en zouden niet tevreden zijn met een dramatische toename van het aantal verbodsborden. Tenslotte is een groter aantal verbodsborden op min of meer hetzelfde wegennet slecht nieuws, niet goed nieuws. Daarnaast zeggen meer verbodsborden niets over een verbeterde staat van de weg. Met octrooien is het precies zo. Kwantitatief denken ("hoe meer, hoe beter") is een volstrekt verkeerde benadering van innovatiebeleid. Minder is meer wanneer het op octrooien aankomt. Zoals een regering makkelijk een grote berg geld kan drukken, is er niet veel nodig om patentinflatie te veroorzaken. De eenvoudigste manier om meer octrooien te verkrijgen is om de standaarden waaraan een octrooi moet voldoen, te verlagen. Dat is exact wat er de afgelopen jaren bijna overal ter wereld gebeurd is. Het is zelfs in zulk een grote mate gebeurd dat, als de vergelijking van octrooien en innovatie correct was, we overal bloeiende economieën zouden moeten hebben. Zoals we allemaal weten, hebben we die helaas niet.
"Men zou verleid kunnen worden tot de aanname dat steeds striktere bescherming van intellectueel eigendom steeds meer stimulans voor innovatie geeft. Deze conclusie is echter fout. Een schoolvoorbeeld zijn octrooien op software, die op het eerste gezicht gezien zouden kunnen worden als logische uitbreiding op het klassieke technologie-octrooi. Maar de produktie van software verschilt aanmerkelijk van het fabriceren van machines en dergelijke."
Eén van de ergste fouten is het vergelijken van bedrijven, landen of regio's op het aantal octrooien.
Wanneer een bedrijf in een jaar minder octrooien registreert dan het jaar ervoor, of minder dan de naaste concurrent, dan maken het hoofdkantoor, de aandeelhouders en analisten zich onmiddellijk zorgen. Als een land of een regio geen toename kent van het aantal toegewezen (of aangevraagde) octrooien in een willekeurig jaar, dan moet de overheid zichzelf daarvoor verantwoorden. Het is precies die manier van denken waarin octrooibureaus, en de onderzoekers die voor hen werken, onder druk gezet worden om zo veel mogelijk octrooien uit te geven. Onder die druk verlagen zij de standaarden en breiden geleidelijk aan het bereik van octrooieerbaarheid uit tot gebieden waar octrooien niet thuishoren, voornamelijk software.
De beslissing om een octrooi toe te wijzen zou met de grootste omzichtigheid en overleg genomen moeten worden. Zoals een goede arts alle redenen voor en tegen een chirurgische ingreep voorzichtig afweegt, dienen octrooibureaus te begrijpen dat ieder octrooi concurrentie uit een markt haalt en kansen voor vele anderen wegneemt, met name van kleinere bedrijven. Ieder octrooi is, figuurlijk gesproken, een amputatie. Het is onverantwoordelijk om exorbitante aantallen octrooien toe te kennen en om zelfs over "groei" te praten in de context van octrooien. Als een regering wil bewijzen dat haar economische beleid werkt, dan is het opvijzelen van het Bruto Binnenlands Produkt en het terugbrengen van werkloosheid hetgeen wat haar te doen staat. Groei van het aantal octrooien is betekenisloos omdat iedere aap dat kan bereiken als de standaarden maar laag genoeg liggen. De octrooiregelgeving ontmoedigt in feite innovatie op sommige gebieden. Als u (als persoon of als bedrijf) veel tijd en geld besteedt aan het ontwikkelen van een produkt, dan moet u de zekerheid hebben dat u het op de markt mag brengen wanneer het af is. Met het octrooisysteem weet u nooit of iemand een bepaald concept al geregistreerd heeft, of het gaat registreren terwijl u aan uw produkt werkt. In het ergste geval komt u terecht in de situatie waar u al die tijd en geld heeft besteed zonder dat u uw produkt op de markt mag brengen, alleen maar omdat iemand anders eerder naar het octrooibureau gegaan is. Dat maakt het minder aantrekkelijk om in innovatie te investeren. Opmerkelijk genoeg zijn dezelfden die octrooien omschrijven als indicator van innovatie en concurrentie, niet bezorgd over wederzijdse licentie-overeenkomsten. De Duitse regering looft haar nationale economie als "de Europese innovatiekampioen" vanwege de vele octrooiaanvragen. Niemand uitte echter enige zorgen toen Siemens (die meer octrooien in handen heeft dan wie dan ook in Europa) een wederzijdse licentieovereenkomst met Microsoft aankondigde, waarbij Microsoft toegang heeft tot al Siemens' octrooien en vice versa. Als octrooien werkelijk zo cruciaal waren voor innovatie en concurrentie als sommigen ons willen doen geloven, dan hadden zij zich moeten laten horen en moeten klagen over de overdracht van de grootste schatkist van Duitslands' vindingrijkheid aan een groot Amerikaans bedrijf. |
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||