Degenen die softwareoctrooien willen toestaan, zeggen dat ze alleen maar de toekenningspraktijk van het Europees Octrooibureau willen codificeren "in een poging om te voorkomen dat het nog verder uitbreidt".
Het onware gedeelte is dat de legalisatie van softwareoctrooien enig begrenzend effect zou hebben.
Zonder een richtlijn die softwareoctrooien toestaat, zou de Europese Octrooiconventie van 1974 nog steeds van toepassing zijn. Vergeleken met de voorgestelde richtlijnen waaraan de voorstanders van softwareoctrooien steun verlenen, heeft de Europese Octrooiconventie eigenlijk een veel meer begrenzend effect. De enige manier om octrooieerbaarheid verder te begrenzen dan in het verleden is om softwareoctrooien op een absoluut waterdichte manier niet toe te staan.
Los daarvan is het idee van wetten maken om regels te definiëren die het publiek belang dienen.
Het doel zou niet moeten zijn om juridische steun te verlenen aan enige vorm van twijfelachtig gedrag. Het Europees Octrooibureau heeft vele softwareoctrooien toegekend alhoewel de Europese Octrooiconventie van 1974 software niet octrooieerbaar maakt. De Europese Unie is niet gebonden aan wat het EOB de afgelopen jaren allemaal heeft gedaan, maar heeft een verantwoordelijkheid tegenover Europa's economie en maatschappij.
De vraag is niet wat het Europees Octrooibureau allemaal gedaan heeft, maar wat het zou moeten doen in het belang van Europa.
Als het concept van het legaliseren van iemands daden een leidend principe zou worden bij het maken van wetten, dan hadden we een probleem. Op een ander gebied maar met dezelfde soort logica, had de VS kunnen beslissen om eenvoudigweg marteling door militairen toe te staan in plaats van het instellen van een onderzoek en voorzorgsmaatregelen voor de toekomst te nemen.
Klik hier om te lezen over de misleiding dat softwareoctrooien niet veel juridische problemen hebben opgeleverd voor open source en het MKB.